Geslaagd bezoek Museum Vaassen Historie aan steunpunt Bloemfontein

66

De werkgroep educatie van het museum Vaassen historie kwam op 29 oktober naar steunpunt Bloemfontein om een presentatie te geven over hoe het vroeger in Vaassen was. De ochtend verliep zeer geanimeerd met inbreng van de aanwezigen en herkenning door velen.

Met vier man sterk, Robert Dijkman, Willy Ganzevles, Steven Scholten en Frans Schumacher, kwam het Museum Vaassen Historie naar steunpunt Bloemfontein. De drukbezochte bijeenkomst ging van start met een welkomstwoord van sociaal werker Karien van den Berg, waarna het programma een aanvang nam.

Eerst waren er beelden te zien van de Woestijnweg toen en nu. Een heel verschil. Verscheidene mensen wisten nog van de ontwikkeling, de zogenaamde Pikabult, door sommigen later de hypotheekbult genoemd en de school op de plek waar nu de Mandelahof staat. Een ware woestenij was het in het begin en voor mensen die later in Vaassen zijn komen wonen is het verbazingwekkend om te zien hoe Vaassen in de loop der tijd gegroeid is.

Daarna volgde een filmpje over de aanleg van het buitenzwembad ‘de Koekoek’. In de film waren ook beelden te zien van het oude zwembad aan de Elspeterweg. Sommige aanwezigen hadden daar nog in het koude sprengenwater gezwommen! Het nieuwe zwembad was weliswaar ook niet al te warm, maar een hele verbetering met een voor die tijd fraaie accommodatie.

Vervolgens kwam de wattenfabriek √útermohlen aan de beurt. Deze fabriek was speciaal naar Vaassen (en Emst) gekomen vanwege het schone sprengenwater, de Nijmolense beek, waarin de katoen voor de watten mooi schoongewassen kon worden. Het hele productieproces kwam in zicht. Voor degenen die er gewerkt hadden een herkenbaar gebeuren.

Toen was het de beurt aan een ander bekend merk: Venz. De overbekende hagelslag, maar ook andere chocoladeproducten. Te zien was het branden van de cacaobonen, de verwerking tot cacaopoeder, het maken van de diverse producten en tot slot het inpakken.

Afgesloten werd met een filmpje over de grafheuvels en de opgravingen onder leiding van archeoloog Bursch. Rond 1800 voor Christus leefden er hier dus al mensen, die, zoals bleek uit de opgravingen, zeer respectvol met de doden omgingen.